Gebruik ruimtelijke ordening om vraag en aanbod in balans te brengen

Duurzame energiebronnen, zoals zon en wind, wekken niet altijd energie op als er vraag naar is. Ook leidt het transport van duurzame warmte, bijvoorbeeld via een
warmtenet, bij grote afstanden tot verlies van energie. Om deze problemen op te
lossen, moeten vraag en aanbod van energie meer met elkaar in balans worden
gebracht. Dit kan voor een deel virtueel. Met slimme software kunnen vraag en
aanbod op elkaar worden afgestemd. Maar er is ook een ruimtelijke component: waar komen of staan objecten (zoals gebouwen) die een energievraag hebben? Waar wordt energie opgewekt, waar wordt het opgeslagen en hoe vindt het transport plaats?

Via het omgevingsbeleid kan in het ruimtelijke domein rekening worden gehouden met vraag en aanbod van energie. Dit maakt het energiesysteem efficiënter, voorkomt hoge maatschappelijke kosten, bijvoorbeeld voor verzwaring van het elektriciteitsnet of energieopslag, en draagt er ook aan bij dat energieprojecten rendabeler worden. Vanzelfsprekend vraagt dit afstemming met de netbeheerder.

Veel gemeenten zijn inmiddels bezig in kaart te brengen waar het grote energieverbruik en de grootste potentie voor opwek van duurzame energie zitten. Bij het inrichten van nieuwe gebieden of het transformeren van bestaande gebieden, is het raadzaam om de potentie van energie-oplossingen mee te nemen. Daarmee wordt energie daadwerkelijk een belangrijk sturingsinstrument voorstedenbouwkundige ontwikkeling.

Ruimtelijke ordening kan op verschillende manieren worden ingezet om vraag en aanbod in balans te brengen. Enkele voorbeelden:

  • Koppeling tussen restwarmtebronnen en gebouwen. Van bepaalde gebieden, zoals industriegebieden, is het te verwachten dat ze op langere termijn restwarmte leveren. Dit aanbod is wellicht te combineren met bestemmingen die een warmtevraag hebben, zoals kantoren, winkels en woningen. Het lange termijn perspectief speelt hierbij een belangrijke rol.
  • Koppeling tussen functies en beschikbare energiebronnen. In gebieden met veel potentie voor warmte/koudeopslag kunnen functies met een warmtevraag in de winter, zoals woningen, worden gecombineerd met functies die in de zomer behoefte hebben aan koeling, zoals kantoren en winkels. Dit maakt het ontwikkelen en exploiteren van deze bronnen interessanter voor marktpartijen.
  • Parkeervoorzieningen benutten als opslagmedium. Dankzij de elektrificatie zijn auto’s niet alleen afnemers van elektriciteit, ze kunnen ook energie opslaan. Bij het bepalen van de locatie en het inrichten van parkeervoorzieningen kan dit worden meegenomen. Een centrale parkeergarage in de wijk kan bijvoorbeeld overdag zonne-energie opslaan en ’s avonds energie leveren.

Benut de instrumenten uit de Omgevingswet als volgt:

Gebruik de Omgevingsvisie:

  • om energiedoelstellingen en belangen integraal
    op te nemen in de ruimtelijke besluitvorming. Bijvoorbeeld door energievraag en
    energieaanbod bij elkaar te brengen in het fysieke domein, zowel op
    gemeentelijk als op gebiedsniveau.

Gebruik het Omgevingsplan:

  • om vraag en aanbod van energie op elkaar af te stemmen door bij de inrichting van de fysieke leefomgeving objecten die een grote energievraag hebben (zoals een ziekenhuis) te combineren met plekken waar energie vrijkomt (zoals een restwarmtebron);
  • om vast te leggen welke eisen u als gemeente stelt aan nieuwbouw, bijvoorbeeld Nul op de Meter (NOM).

Gebruik het Programma:

  • om aan te geven welke stappen en middelen in welk tempo worden ingezet om de lokale energietransitie te realiseren.